Uitspraken Hannah 2-3 jaar

Januari 2013
– J: ‘ik ben een blauwe vinvis’. H: ‘Ik ben een roze vinvis’.
– Gelukkig Nieuwjaar! (Hannah’s nieuwe vaste begroeting).
– Eénstapelbed = hoogslaper
– Mijn lip is schor = schraal
– Tegen A: gelukkig ben je kaal want je wordt hier al grijs

December 2012
– Tis geboren het bobbelig kind
– aah, een babyvetvogeltje (kind van vetvogel, op AH dierenkaart)
– vetvogel! (scheldt J uit)
– eemiemiemie (ieniemienie, altijd lastig).
– Lizzy, Juultje en Babette (heeft het deze dagen druk met de nichtjes van Katrien Duck).

November 2012
– Duploma
– Die honing is Franser dan de jam.
– Die hond is al oud, want zijn maagje is klein en hij doet zó met zijn lipje (doet onderlip naar voren) [het was een Bulldog].
– Potje vechten!? (neemt vechthouding aan tegenover opa Piet).
-Hé, slapen de wolken op de grond? (= mist)
– Ik wilde Sinterklaas een hand geven, maar dat wilde hij niet. Ik denk dat hij dat te spannend vond.

September 2012
– Dit is niet logisch, het is Belgisch!
– Ik ga met Julia trouwen, later als ze een mensje is (= 4 mnd oude dochter van Liselotte).

Augustus 2012
– Hé wickie! (uitroep uit Buurman en Buurman, op bevelende toon tegen ouder uitgesproken).

Juli 2012
– houten brood (=stokbrood)
– tarme-rogge (=normaal brood)
– verkansie
– ooievaar (au revoir)
– boh-zwaag (Hannah spreekt bon soir heel Frans uit)
– kjompoeter (het gaat de goede kant op)

Juni 2012
– Pittig water = spa bruis
– Had Jezus ook een speentje?
– stoepstengel
– pretprak
– professioneel (?! wsch geleerd van Buurman&Buurman)

Mei 2012
-‘Ik kan zelf mijn rits dichtknopen!’
– Nee joh = nee hoor
– ‘Mama ga jij me naar bred brengen?’
– ‘Hè? Mama die hond klappert!’ (=schudt zich uit)
– Waterpok! (scheldt Jonas uit)
– ‘Mama de vogels hebben vrij!’ (er is inderdaad veel gekwetter in onze tuin)
– Piemelmans, pie-mel-mans (100x) Hannah’s lievelingsscheldwoord, hard en staccato gescandeerd

April 2012
– Klapt op haar blote billen en zegt ‘Ik ben billen-Jean’
– ‘De sticker van Jonas is moe’ (plakt niet meer)

Maart 2012
– ‘Mama is het altijd vandaag? Jij zegt vedaag.’
– Smenta/Cementa = Samantha
– Ik ga het broodje dichtdoen anders heeft de chocopasta het koud.
– Ceryl is heel ambulansig (betekenis tot op heden onopgehelderd).
– Sukkelpukkel! (nieuw scheldwoord)

Februari 2012
– ik ben lachend slap!
– wil je mijn strepende broekje aantrekken? = gestreepte legging
– mag ik mijn bloemende brilletje op? = gebloemde zonnebril

Januari 2012
– mama gaan we straks naar de boerkaas? = kaasboer

December 2011
– Hannah formuleert akelig precies:
‘Goedzo Hannah, wat ben je toch een braafje’
‘Nee, ik ben niet een braafje, ik ben Hannah!’
‘Ben je aan het genieten van je plakkerige beertjes?’
‘Nee ik ben niet aan het genieten ik ben aan het eten!’
– mama wat zit je haar klokkig (E is blijkbaar iets te Beatrixy geföhnd)

November 2011
– Pomcuter = computer
– het huilertje (kindje in een boek).

Oktober 2011
– Ik heb poep; ik ga naar boven [voegt daad bij woord].
– “Waar is Hendrina? Is Hendrina terug in De Rijp?” (vraagt waar oma is gebleven na logeerweekend).
– Sosowie = sowieso
– jomme jomme jomme wat een drrrrruife (H is heel tevreden over haar tienuurtje).
– boutenmaikers = mountainbikers (op de hei)
– Schaapmond = schaafwond
– Alex Kabalex! (verzint bijnaam voor A, tot genoegen van J en E).

September 2011 (30 maanden)
– kopstak = kapstok (blijft lastig)
– heppele = helpen
– krontoleren = helpen
– schaafkaas = kaasschaaf
– slaapplak/slaapklap = slaapzak

Augustus 2011 (29 maanden)
-“Ik heb lange voeten / lange benen” = blote voeten
– Kotssap / kopstap = kapstok
– Snoeperen = snoepen
– H: “Ik krijg nieuwe kiesjes.” J: “Ik krijg een nieuwe tong!”
– Lorre, lorre = rollen, rollen (Hannah wil haar sokjes opgerold dragen).
– Hannah tegen Alex als ze klaar is met eten en door Eveline wordt losgemaakt van haar kinderstoel: “zit jij ook vast?”

Juli 2011 (28 maanden)
Hannah is de laatste twee maanden net een wandelende echo, ze zegt álles na (inclusief vloeken) en ze onthoudt die woorden ook. Haar woordenschat is niet goed meer bij te houden.
– Hardloperen
– alle meervoud is -s (mannes, schoenes)
– gelevig / geleverig = verlegen
– absteluut = absoluut
-1…5…3! Hier komen jij! (Wijst eerst met vinger naar Jonas en dan naar de grond voor haar voeten).
– Slaappak = slaapzak

– *Hannah gaapt*
H:”Ik moet gapen.”
E:”Ja, wat betekent dat?”
H: “Weet niet.”
E:”Dat je moe bent.”
H:”Ja, in mijn kin!”

-H: “Hallo!” (op straat tegen onbekende vrouw)
Vrouw: “Hé hé!”
H: “Niet Héhé, ik heet Hannah!”

-Pik en Janneke / Kip en Janneke = Jip en Janneke
-“Papa, ik al groot, ik naar naschoolse, naar st.Vitus en juffrouw Myrthe”

– Met priemende vinger en woedende stem: “Jonas! Kijk me aan als ik tegen je praat!”

Juni 2011 (27 maanden)
-Samen stelen is samen stelen! (moet zijn: samen spelen is samen delen).

Mei 2011 (26 maanden)
– tandjes toefe = tandjes poetsen
– musts = muts
– papa haje gewe(r)kt? – Papa, heb je gewerkt? (na thuiskomst)
– stouterd! (altijd tegen Jonas).
– Jonas stout hè? (Jonas wordt erbij gelapt).
– Jonas schol weest hè? (vraagt aan Jonas of hij naar school is geweest).

April 2011 (25 maanden)
– aposlief = alsjeblieft
– Fijne dag! (neem afscheid van Bussumse middenstander).
– Hallo…. hallo….. HALLO! (Hannah groet iedereen, en als ze het niet [willen] horen nog een keer, ennogeenkeer)
– varkkindje = biggetje
– “Sst Jonas niet gillen, mama slaapt in se kamer”. (H maant J tot stilte omdat E uit mag slapen).

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *